Gaza lezing op 20 maart door Robert Soeterik

Woensdag 20 maart zal Robert Soeterik naar Groningen komen om een lezing te geven over de huidige drama in en rond de Gazastrook. Waarom ‘Gaza’ ? Wat is de positie van HAMAS ? Hoe nu verder ? En is er een positief scenario denkbaar waarin de Palestijnen toch de politieke erkenning krijgen ook al lijkt dat nu heel ver weg?

De lezing zal ongeveer driekwartier duren. Daarna is er ruime gelegenheid tot het stellen van vragen vanuit de zaal.

De lezing maakt onderdeel uit van een serie activiteiten in het kader van de Israël Apartheid week (IAW) waarvoor in Groningen GfP en Stichting Groningen-Jabalya samenwerken. De IAW wordt wereldwijd georganiseerd en is een manier om de Palestijnse strijd om recht van onderaf te mobiliseren.

Wie is Robert Soeterik?

Soeterik is antropoloog, Midden-Oosten-regiospecialist en voorzitter van het Nederlands Palestina Komitee.

 

 

 

Datum 20 maart
aanvangstijd 20.00 uur 
lokatie Vakbondshuis Groningen, Hereweg 120 9725 AK Groningen (vanaf station buslijn 50 of 51)

toegang is gratis maar een donatie voor de PMRS is zeer welkom 

direct digitaal doneren kan met onderstaande QR code

 

organisatie: Stichting Groningen-Jabalya i.s.m Mondiaal FNV Noord

Het woord catastrofe dekt de lading niet voor wat in Gaza gebeurt, zegt Aed Yaghi de directeur van de PMRS. Het is veel erger.
Er is sprake van de driehoek van de dood: geweld, ziektes en honger. Alle drie zijn nu dodelijk. Meer dan 60.000 Palestijnen, vooral vrouwen, kinderen en ouderen, zijn afgeslacht. Meer dan 100.000 zijn gewond geraakt. De gezondheidszorg is praktisch vernietigd. Meer dan 1000 zorgmedewerkers zijn gedood tijdens hun werk. Meer dan 360 zorgmedewerkers zijn ontvoerd, illegaal vastgehouden en gemarteld.
Hoe moeilijk ook, de PMRS gaat door met hulp bieden, vooral met mobiele teams. De steun vanuit Groningen wordt heel erg gewaardeerd. Yaghi: “Elk bedrag is betekenisvol, hoe klein ook, want dit weerspiegelt steun voor en solidariteit met Palestijnen en hun rechten en jullie medemenselijkheid.”